Theologie Mattheus van der Steen: Dominionisme   Leave a comment

Miljoenen christenen over de hele wereld worden geconfronteerd met het groeiende tij van dominionisme. Dit is een vorm van christelijk humanisme waarbij gelovigen zichzelf zien als opgedragen en door God gemachtigd om Zijn koninkrijk op aarde te manifesteren, ten bate van iedereen. Dominionisme is gebaseerd op de koninkrijk-nu theologie gezien zij er aanspraak op maakt het koninkrijk van God met zijn voordelen voor de mensheid fysiek te openbaren. Haar instelling wordt beschreven als reconstructionisme of transformatiebeweging wegens de verreikende veranderingen die de maatschappij moet ondergaan om een beter leven te verzekeren voor iedereen. Die situatie wordt door sommigen beschreven als “hemel op aarde” en vóóronderstelt de ongeschikt-making van Satans tegengestelde koninkrijk van de duisternis.

Het heerschappijmandaat (dominion mandate)
Christelijke reconstructionisten nemen Genesis 1:26 als een heerschappijmandaat, of heerschappijverbond:

“En God zeide: Laat Ons mensen maken, naar Ons beeld, naar Onze gelijkenis; en dat zij heerschappij hebben over de vissen der zee, en over het gevogelte des hemels, en over het vee, en over de gehele aarde, en over al het kruipend gedierte, dat op de aarde kruipt” (Genesis 1:26).
Na de Vloed werd dit mandaat bevestigd voor Noach:

“En God zegende Noach en zijn zonen, en Hij zeide tot hen: Weest vruchtbaar en vermenigvuldigt, en vervult de aarde! 2 En uw vrees, en uw verschrikking zij over al het gedierte der aarde, en over al het gevogelte des hemels; in al wat zich op de aardbodem roert, en in alle vissen der zee; zij zijn in uw hand overgegeven. 3 Al wat zich roert, dat levend is, zij u tot spijs; Ik heb het u al gegeven, gelijk het groene kruid” (Genesis 9:1-3).
Er wordt geargumenteerd dat wij in Christus de heerschappij opnieuw verwerven die in Adam was verloren gegaan door de zondeval (Gen. 3). De belangrijkste implicatie van deze zienswijze is deze: Als wij de heerschappij willen houden over de hele aarde dan moeten wij ze ook besturen, met inbegrip van de ordening van alle vormen van menselijk bestuur. Om dat te doen leren zij dat er een krachtig standpunt moet ingenomen worden wat het geloof in ons goddelijk mandaat betreft. Wij moeten ons ook betrekken in geestelijke oorlogvoering om Satan te ontdoen van de machten en destructieve invloeden die hij verwierf na het beroven van Adams door God gegeven gezag.

De Grote Opdracht (Matt. 28:18-20) wordt gezien als inherent deel uitmakend van het heerschappijmandaat, met de uitdrukkelijke implicatie dat hele naties tot discipelen moeten gemaakt worden en dat Christus’ gezag over de gehele aarde manifest zou worden door de Kerk die Zijn lichaam is. Alle mensen, in alle levensomstandigheden, zullen voordeel trekken uit de onderwerping aan Gods wetten door de Kerk, welke de openlijke manifestatie is van Zijn Koninkrijk op Aarde.

Een populaire beweging
De vrede, welvaart en goede inkomens, aangeboden door deze dominionistische beweging maken haar erg populair bij zaken- en politieke leiders. Dezen zien voor zichzelf substantiële voordelen in de realisatie van deze doelstellingen. Het meest van al zullen de kerken er voordeel mee doen wegens de verhoogde status, hogere publieke prijzing, toenemend inkomen en grotere invloed op de maatschappij. Ook naïeve evangelicals zien dit als een gelegenheid om snel de miljoenen verlorenen voor Christus te bereiken en om zelfs hele naties zonder moeite tot discipelen te maken.

Oppervlakkig geëvalueerd lijkt het dominionisme een erg dynamische en positieve beweging te zijn om de kracht en zegeningen van Gods koninkrijk vrij te maken, om een verstoorde wereld te genezen van al zijn kwalen, en om de verloren massa’s tot Christus te brengen.

Maar werd ons de opdracht gegeven om dit alles na te streven? Deze beweging en hun leerstellige grond zou grondig moeten onderzocht worden voordat we ze zouden erkennen en ondersteunen.

De erg belangrijke vraag die beantwoord moet worden is of deze visie in overeenstemming is met de natuur en de functies van de kerkbedeling in Gods eeuwige raad voor de mensheid. Bij nader onderzoek wordt het snel evident dat dominionisten de zegeningen, krachten en levensomstandigheden van de toekomstige koninkrijksbedeling geclaimd hebben – dingen die pas geopenbaard worden na de komst van de Koning – en die getransfereerd hebben naar de huidige kerkbedeling.

Het gevolg is een koninkrijksvisie die dispensationeel geheel uit zijn plaats werd gerukt en daarom aanmatigend is en menselijk bedrog. Het verheft de mens in plaats van God vermits de geneugten en beloningen van het huidige leven de belangrijkste doelstellingen zijn van de beweging. Ondersteund door de publieke sector en kwistig gefinancierd door de private sector van de maatschappij, is de transformatiebeweging niet enkel een menselijk product maar ook mensgericht. Het concept kan dan wel vanuit de Bijbel overwogen zijn maar dispensationeel staat het geheel niet op zijn plaats.

De leiders van deze beweging hebben specifieke doelstellingen in gedachten, maar om controverse en meningsverschil te vermijden onder hun aanhangers hebben zij een onderscheid gemaakt tussen de tussentijdse en uiteindelijke objectieven van de beweging. Hun tussentijdse objectieven mikken op grote belangstelling bij alle belanghebbende groepen van de maatschappij. Zij werden op zulke wijze geformuleerd dat de meeste christenen deze zullen zien als heilzaam en bijbels gezond. Maar dit programma is slechts een prelude op een ander scenario dat zich op natuurlijke wijze zal ontwikkelen uit het eerste. De twee fases van het dominionisme zijn de volgende:

Tussentijdse objectieven
Er wordt een goed ontworpen strategie gevolgd om in verscheidene landen Gods koninkrijk op te richten. Ze heeft zowel lokale, regionale als nationale toepassingen die zich richten op het openbaren van de weldadige natuur van Gods koninkrijk. Geestelijk is de beweging sterk gebaseerd op Gods liefde en zegeningen voor alle mensen. Ze is daarom geschikt voor de meeste denominaties, niettegenstaande hun specifieke leerstellige overtuigingen. Sociaal gezien is ze zo gebruikersvriendelijk als mogelijk om als werktuig te dienen voor de sociale transformatie naar een beter leven. Economisch gezien is ze erop gericht de armoede te bestrijden. Politiek gezien is ze gericht op samenwerking met de overheden, met een zienswijze om een type van koninkrijksbestuur te promoten dat beter de noden van alle mensen in de maatschappij zal dienen. De volgende tussentijdse objectieven worden nagestreefd:

Eenheid. Kerken zouden hun inherente christelijke eenheid moeten demonstreren door zich te associëren met elkaar binnen de context van een oecumenisch lichaam. Tijdens de afwezigheid van zulk een lichaam zouden zij gemeenschappelijke structuren moeten creëren en elkaar de hand moeten reiken om hun gemeenschappen beter te kunnen dienen. Zij zouden elkaars doctrines niet in vraag mogen stellen maar zich richten op de taken die voorhanden zijn; ondertussen kunnen zij de richtlijn van de Wereldraad van kerken volgen, namelijk dat “doctrine verdeelt maar dienst verenigt”.

Publieke demonstraties. Alle christenen van een bepaalde gemeente of stad zouden occasioneel massameetings moeten bijwonen op openbare plaatsen zoals sportstadiums, om hun eenheid, kracht, overgave aan sociale verheffing en potentiële dominantie te demonstreren, eens dat men tenvolle verenigd is. Zij zouden ook optochten moeten organiseren tegen onrechtvaardigheden en om bepaalde veranderingen af te dwingen.

Kerkgroei. Individuele congregaties en denominaties zouden de Kerkgroeibeweging moeten aanhangen met de bedoeling de invloed van de kerk uit te breiden. Op die manier kan de kerk uiteindelijk haar dominantie in de maatschappij laten gelden. De nadruk in de prediking zou niet moeten gericht zijn op de zaak van het Evangelie maar op een gemakkelijke toegang tot de kerk. Kerken zouden meer gebruikersvriendelijk moeten zijn en relevant voor de moderne maatschappij.

Gebed. Gemeenschappelijk gebed volgens een geregelde wekelijkse of maandelijkse agenda wordt gezien als een manier om zich van Gods zegeningen te verzekeren op de transformatie-agenda en de realisering van Zijn koninkrijk op aarde. De samenkomsten zouden de oecumenische natuur van de beweging moeten demonstreren en de nobele objectieven van sociale verbetering waaraan zij zich wijden.

Organisatie. Op het vlak van organisatie zouden er nationale structuren moeten gevormd worden om steun te verlenen aan de hulpbehoevenden en voor het promoten van verandering door een levendig proces van sociale transformatie. Deze structuren zouden geleid moeten worden door bekwame mensen die activiteiten kunnen organiseren, door het mobiliseren van zoveel mogelijk vrijwilligers.

Netwerking. Het succes van de beweging hangt af van extensieve netwerking met sleutelfiguren en organisaties in de overheids- en zakensectoren om zo ondersteuning en terugkoppeling te krijgen voor de transformatieprogramma’s. Het verenigende netwerk zou moeten functioneren in alle lokale gemeenschappen maar moet zich ook uitbreiden tot het nationale niveau om daar de verandering te vergemakkelijken.

Hulpprogramma’s en counseling. Elke lokale gemeenschap zou comités moeten oprichten die geleid worden door bekwame mensen om hulpprogramma’s te organiseren en om counseling te voorzien voor zieken, getraumatiseerde en geteisterde personen. Een helpende hand moet uitgestoken worden naar allen die in nood verkeren, ongeacht hun omstandigheden.

Opleiding. De vroegere nadruk op “geletterde” opleiding moet spoedig vervangen worden door “oraliteit”. Dit is een benadering waarbij eerder beelden en het gesproken woord gebruikt worden in plaats van het aanleren van het geschreven Woord. Het is een deconstructieproces waarbij geletterde opleiding wordt verklaard te moeilijk te zijn voor de meesten van de ongeschoolde mensen in onderontwikkelde gebieden. Bovendien moet er beroepsopleiding aangeboden worden voor het uitoefenen van allerlei vaardigheden. Ook moet voorzien worden in de opleiding van pastors voor de snel uitbreidende kerk want zij zijn de belangrijkste bewerkers van de verandering.

Reiniging. De maatschappij zou moeten gereinigd worden van al haar kwalen en besmettingen zoals criminaliteit en het lijden door ziekte, armoede, werkloosheid, onderdrukking en exploitatie van mensen. De nodige sociale, economische, psychologische en religieuze counseling zou op een geregelde basis moeten verleend worden.

Verheffing. De kwaliteit van het persoonlijke en gemeenschappelijke leven zou zodanig moeten opgetrokken worden dat negatieve attitudes en de neiging tot misdaad significant gereduceerd zullen worden om uiteindelijk te verdwijnen uit de maatschappij. Alle mensen zouden moeten gemotiveerd worden om een eerbare levensstijl in acht te nemen waardoor andere mensen worden aangespoord in plaats van een bedreiging voor hen te vormen.

Er zijn redenen voor serieuze bezorgdheid over een aantal punten van de dominionistische hervormingen op de lokale en nationale niveaus, zoals het smeden van oecumenische banden, de toepassing van humanistische methoden van kerkgroei, en de omschakeling van de kerk naar een focus op socio-economische zaken. Echter, sommige van de activiteiten zijn zeer nobel en erg nodig, en kunnen niet per sé in diskrediet gebracht worden. Maar vooraleer een evaluatie te maken van de lokale manifestaties en activiteiten van deze beweging, zou men ze moeten beschouwen in het licht van haar uiteindelijke objectieven. Er moeten dan bijbelse verklaringen geciteerd worden om de validiteit van de hele beweging te toetsen.

Uiteindelijke objectieven
De domionionistische theologie kan slechts deugdelijk begrepen en beoordeeld worden als haar uiteindelijke objectieven in een vergelijk worden gebracht. Deze theologie werd duidelijk verklaard door dominiontheologen zoals C. Peter Wagner, George Otis, Jr., Ted Haggard en anderen. Haar objectieven zijn:

Het inleiden van het koninkrijk Gods op aarde. Het koninkrijk van God moet manifest worden door het christianiseren van alle organen van de civiele maatschappij, en de kerk moet sterker worden om een leidende rol te kunnen spelen in het publieke leven en alle gemeenschappen. Het kwaad zal verdwijnen en God zal over de mensheid de volledige controle hebben door de bemiddeling van speciaal gezalfde apostelen en profeten.

Het neerhalen van demonische bolwerken. De topleiders van de beweging zien geen coëxistentie van de koninkrijken van God en Satan in de wereld en hebben zich met hart en ziel toegewijd aan een vorm van strategische geestelijke oorlogvoering die zal leiden tot de neerhaling en volkomen vernietiging van Satans meervoudige bolwerken op aarde. In territoriums waar deze strijd werd gewonnen, zullen de mensen bevrijd worden van geestelijke onderdrukking en de verblinding van hun geest door Satan en zijn demonen. Door de verwijdering van al deze hinderlijke factoren zullen de mensen naar de kerken stromen alwaar er grote opwekkingen zullen gebeuren. De negatieve invloeden van Satans koninkrijk zullen verdwijnen uit de maatschappij, met inbegrip van misdaad, geweld, oorlog, corruptie, valse religies, hekserij, drugsmisbruik, HIV/Aids, enz. Alle mensen zullen zich verheugen in het koninkrijk van God en zullen Hem eenstemmig willen dienen.

Het discipel-maken van naties. Hele naties zullen tot discipelen gemaakt worden in het top-down proces waarin de overheden de leiding nemen om het christelijke geloof te accepteren en zij zullen de christelijke principes van bestuur introduceren. De naties zullen gepast volgen en spoedig zullen zij zich verheugen in de weldadigheden van Gods koninkrijk en zullen zij zien hoe de misdaad naar beneden gaat, en de moraliteit van de natie zal verheven worden tot bijbelse standaarden, de economie zal rijzen, en alle vormen van lijden en armoe zullen spoedig tot de vergetelheid behoren.

De culturele transformatie van de naties. Wanneer de naties tot discipelen zijn gemaakt en in Gods koninkrijk worden geleid, zullen zij betrokken worden in een intensief proces van culturele transformatie. Alle aspecten van hun cultuur – inbegrepen religie, politiek, economische praktijken, sociaal leven, opleiding, sport, kunsten en recreatie – zullen aangepast worden aan de christelijke standaarden. Door zo te doen zal God de naties naar hogere niveaus leiden van welvaart, vrede en culturele realisaties.

De oprichting van een wereldkerk. Het ultieme objectief van de collaboratieve banden tussen de verschillende kerken is de complete verdwijning van denominationale grenzen en de oprichting van de post-denominationale kerk van de 21ste eeuw. Alle lokale vergaderingen zullen cellen zijn van verenigde grootstedelijke kerken onder het leiderschap van apostelen en profeten. Die grootstedelijke kerken zullen op hun beurt globaal verbonden worden in de verschijnende wereldkerk. Als dat stadium is bereikt zal Gods koninkrijk wereldwijd zijn opgericht en zal ze heerschappij (dominion) hebben onder de naties.

Wereldgebedsdag. Deze gebeurtenis, die voor het eerst ten tonele kwam in mei 2005, is gemodelleerd naar de jaarlijkse World Healing Day op de 31ste december, waarbij aanhangers van de beweging de eenheid, vrede en harmonie op aarde zoeken te promoten door middel van meditatieve gebeden die op hetzelfde tijdstip worden opgedragen. De Wereldgebedsdag is een poging om een nieuw Pinksteren voort te brengen waarbij Gods Geest krachtig over de aarde zal uitgestort worden om een wereldomvattende beweging te ontsteken voor de manifestatie van Gods koninkrijk op aarde. De gemeenschappelijke natuur van deze activiteit is ook een praktische uitdrukking van oecumenische banden en de toekomstige eenmaking van alle christelijke kerken in een wereldomvattende structuur.

Het grotere plaatje van het dominionisme
Wanneer de ultieme objectieven van het dominionisme in ogenschouw worden genomen wordt het erg duidelijk waar de achterbanbewegingen in elk land eigenlijk naar streven. Binnen deze bredere context kunnen de volgende punten van bezorgdheid genoemd worden:

Eenheid. Gezamenlijke ondernemingen van kerken op het lokale niveau zijn slechts de vroege beginselen van een oecumenische beweging op het nationale niveau, dat logischerwijs gevolgd wordt door internationale oecumenische banden, en uiteindelijk zal leiden tot de post-denominationale wereldkerk. Het gezag dat gevestigd zal worden in de verschijnende grootstedelijke kerken is het belangrijkste doel van het dominionisme en heeft een duidelijk humanistische connotatie door het verheffen en versterken van de mensheid om meesters te worden van hun eigen bestemming. Kerken die deze visie niet onderschrijven zullen zelfs niet betrokken worden bij het primaire niveau van oecumenische ondernemingen.

Publieke demonstratie door multi-denominationale groepen van christenen zijn humanistische inspanningen om hun dominantie te laten gelden in de maatschappij. Hun sterkte is niet uit de Heer maar ligt in de macht die verkregen wordt uit hun groot maatschappelijk kiezerspubliek.

De kerkgroeibeweging is een methode om de hele wereld in de kerk te brengen en zo de kerk in staat te stellen een onbetwiste leiderschapspositie te verwerven in de maatschappij. Om dit proces te verhaasten wordt de toegang tot de kerk zo gemakkelijk mogelijk gemaakt. Het belangrijkste oogmerk van deze beweging is het brengen van alle mensen in de kerk, waarbij zij haar suprematie laat gelden en zich zal verzekerd zien van toenemende inkomsten. Als het redden van zielen werkelijk hun voornaamste doel zou zijn, zouden de bijbelse standaarden van berouw en wedergeboorte niet zo gecompromitteerd worden ter wille van snelle expansie.

Gebedssamenkomsten voor de redding van zielen en de materiële verbetering van de levensomstandigheden, zijn belangrijk en nodig. Maar waarom moeten ze oecumenisch georganiseerd worden voor een veronderstelde toename van hun impact? Het humanistische en domionistische plan is in deze gebedssamenkomsten erg duidelijk. Alhoewel er vele christenen met zuivere bedoelingen aan deze samenkomsten kunnen deelnemen, om op te komen voor lijdende en geestelijk-dode mensen, blijven zij toch deelnemen aan een oecumenische onderneming die veeleer sociale transformatie en verbetering tot doel heeft dan geestelijke groei. Zij moeten zich ook afvragen waarom zij denken dat verenigde gebedssamenkomsten meer kracht bij God hebben dan gebeden in kleinere groepen of afzonderlijk.

Reiniging gaat over de bevrijding van enkelingen, gemeenschappen en de hele wereld van zonde en boze invloeden. In dit proces worden twee foutieve veronderstellingen gemaakt. De eerste is dat alle persoonlijke en sociale problemen kunnen toegewezen worden aan demonen. Er wordt dan vrijding van demonen toegepast om de problemen op te lossen. Maar, volgens de Bijbel, worden de meeste problemen van de mensheid omschreven als de werken van het ongekruisigde vlees (Gal. 5:17; Rom. 8:13). De tweede veronderstelling is dat de duivel uit hele maatschappijen kan gezet worden in deze bedeling en dat zijn bolwerken kunnen neergehaald worden. Deze veronderstelling wordt door de Bijbel niet ondersteund met betrekking tot de kerkbedeling; dit zal enkel gebeuren bij de tweede komst van Christus (Op. 20:2-3).

Bevrijdingsprogramma’s voor het verlichten van lijden en armoede worden in deze beweging niet gezien als handelingen die secundair zijn aan evangelisatie, en niet als inspanningen voor de overheden, maar als de voornaamste verantwoordelijkheid van de kerk. Als gevolg van deze zienswijze worden de financiële middelen van de kerk niet voor evangelisatie gebruikt maar voor het financieren van humanitaire projecten.

Opleiding en sociale verheffing worden als het belangijkste werk van de kerk gezien, maar dat zijn ze niet. Deze taken zijn de eerste verantwoordelijkheid van de civiele besturen.
De eschatologie van het dominionisme
Het dominionisme heeft de intentie om een letterlijk, fysiek koninkrijk op aarde op te richten, vóór de tweede komst van Christus. Dominionisten zien het opkomende koninkrijk als gedreven door de macht van oecumenische eenheid en ook de grotere toewijding aan Gods wetten. De inclusieve natuur van de oecumenisch verenigde kerk van de eindtijd noodzaakt een algemene en oppervlakkige definitie van Christendom om alle mogelijke geloofsovertuigingen en denominaties te huisvesten.

Er wordt door dominionisten geen inspanning gedaan voor het identificeren en uitroeien van geestelijk bedrog; en evenmin worden “negatieve” onderwerpen zoals de Antichrist en de komende verdrukkingstijd besproken. Al de “donkere” profetieën worden historisch geïnterpreteerd als dat die reeds vervuld zijn in de eerste eeuw n.C. De eindtijd wordt enkel geassocieerd met het altijd uitbreidende koninkrijk van God op aarde, grote opwekkingen, en verreikende socio-economische en politieke transformaties onder de auspiciën van de wereldomvattende kerk en haar leiders. Het proces van reconstructie zal in overeenstemming zijn met de principes van Gods koninkrijk. Zij leren dat wanneer Christus wederkomt, het koninkrijk reeds zal opgericht zijn door de kerk, die Zijn lichaam is.

De beslist fysieke natuur van het dominionistische koninkrijk verklaart de sterke benadrukking van fysieke (materiële) veranderingen in de wereld en de zwakke nadruk op onze relatie met Christus. Zij willen praktische veranderingen zien in de wereld, naar een grotere eenheid en een beter leven voor allen. Zij staan erop dat de huidige bedeling (of: dispensatie) op een hoog niveau zal eindigen wanneer Christus zal terugkomen om Zijn eeuwig koninkrijk op te richten.

Bijbelse evaluatie van het dominionisme
Het is evident dat de transformatie of herstructurering van gemeenschappen, naties, en uiteindelijk de wereld, een georchestreerde inspanning is om heerschappij over hen te voeren namens Christus. Bijbelse waarheden worden grof verdraaid om de agenda van het dominionisme te dienen.

Een verdraaiing van het heerschappijmandaat. Het mandaat van Genesis heeft niets te maken met het heersen over mensen – het gaat over de onderwerping van de natuurlijke wereld aan de mens. De ecologische rampen die de wereld vandaag bedreigen, zoals de pollutie van de atmosfeer en het water, ontbossing en globale opwarming, zijn de gruwelijke consequenties van ’s mensen misbruik van het heerschappijmandaat. De heerschappij die verleend werd aan Adam en zijn nakomelingen ging niet verloren door de zondeval en hoefde daarom niet hersteld te worden door Christus.

Een verdraaiing van de Grote Opdracht. Mattheüs 28:19 is geen heerschappijmandaat vermits het enkel betrekking heeft op de verkondiging van het Evangelie aan alle naties. Christus waarschuwde Zijn discipelen voor de verwachting dat gehele naties zich zouden bekeren en het koninkrijk van God zouden ingaan: “Gaat in door de enge poort; want wijd is de poort, en breed is de weg, die tot het verderf leidt, en velen zijn er, die door deze ingaan; want de poort is eng, en de weg is nauw, die tot het leven leidt, en weinigen zijn er, die deze vinden” (Matt. 7:13-14; vgl. Lukas 13:23-24). Berouw en bekering zijn handelingen waarbij enkelingen de reddende genade aanvaarden van de Heer Jezus in geloof – een regering kan dat niet doen voor zijn burgers. Zelfs indien bepaalde politieke leiders gered zijn, betekent dit niet dat de hele regering is samengesteld uit geredde personen die de Heer eenstemmig zullen dienen en daarbij politieke expressie zullen geven aan christelijk dominionisme.

Een verdraaiing van het koninkrijksconcept. Christus gaf duidelijk aan dat Zijn koninkrijk een geestelijk koninkrijk is dat niet van deze wereld is (Joh. 18:36). Om die reden kan het nu niet fysiek waargenomen worden in de wereld omdat het gevestigd is in de harten van de gelovigen (Lukas 17:20-21). Dit betekent niet dat Christus’ koninkrijk nooit fysiek op aarde zal geopenbaard worden – dat zal inderdaad gebeuren, maar enkel bij de tweede komst van Jezus Christus. Hij zal wederkomen als de Koning der koningen (Op. 19:16), zal de duivel binden en opsluiten in de bodemloze put (Op. 20:2-3) en regeren met Zijn heiligen (Op. 5:9-10; 20:6). Deze regering kan niet opgericht worden tijdens de fysieke afwezigheid van de Heer Jezus vermits Hij moet terugkomen om de troon van David te herstellen in Jeruzalem om de wereld vandaaruit te regeren (Hand. 15:16-17).

Een verdraaiing van de kerkbedeling. Bijbelse verklaringen en beloften moeten geïnterpreteerd worden binnen hun eigen dispensationele context. De kerkbedeling mag nooit gelijk gesteld worden met de koninkrijksbedeling die zal volgen na de komst van de Koning. Tijdens de kerkbedeling hangt de meerderheid van de mensen het koninkrijk der duisternis aan en maakt zo dat deze wereld een boze plaats is om in te leven (Joh. 3:19). Christenen worden opgeroepen om als zout te zijn op een corrupte aarde en als het licht in deze duistere wereld (Matt. 5:13-14; Fil. 2:15). Wij moeten niet verwonderd zijn als wij worden gehaat en afgewezen door deze boze wereld en haar regeerders (Joh. 15:18-20; 16:33). Om die redenen zijn wij gedurende deze dispensatie vreemdelingen en bijwoners op aarde (1 Pet. 2:11) – geen regeerders.

Een verdraaiing van onze huidige status. Vandaag zijn gelovigen geen koningen die heersen over hun erfenis maar soldaten voor het kruis. Paulus zegt: “Lijd verdrukkingen als een goed soldaat van Christus” (2 Tim. 2:3). Wij moeten de gehele wapenuitrusting van God aandoen opdat wij in staat mogen zijn te staan tegen de listige verleidingen van de duivel (Ef 6:11). Gedurende deze dispensatie is de duivel niet ontdaan van zijn kracht en invloed over hele gemeenschappen en naties – enkel individuele gelovigen zijn bevrijd van zijn overheersing. De huidige wereld zal geestelijk duister blijven want “de hele wereld ligt in het boze” (1 Joh. 5:19). Satan is “de god van deze eeuw” die de geesten van de mensen verblindt (2 Kor. 4:4). De meeste (!) mensen willen het zo (Joh. 3:19) en geven, consequent hiermee, de duivel een grote basis van support in “deze tegenwoordige boze wereld” (Gal. 1:4).

Een verdraaiing van de eenheidsgedachte. Dominionisten verdraaien ook Christus’ gebod dat wij zouden één zijn zoals Hij en de Vader één zijn (John 17:11, 21). Zij interpreteren dit gebod eerder structureel dan spiritueel. Voor hen moet de geestelijke band onder gelovigen zich oecumenisch manifesteren door te streven naar de realisatie van een verenigde wereldkerk. De spirituele band in de verenigde familie van kerken, in het bijzonder in de Wereldraad van Kerken, is zwak en arm gedefinieerd om niemand van zijn samenstellende denominaties te beledigen. Op deze manier zijn zij er enkel in geslaagd een overwegend nominale (in naam) vorm van christendom te realiseren met een uitwendige “gedaante van godsvrucht” maar zonder herboren kracht van de Heilige Geest (2 Tim. 3:5). Zij hebben een koninkrijksvisie om de wereld te veranderen in termen van hun eigen agenda maar zij worden niet gebruikt door God. Paulus vermaant christenen duidelijk om nominale gelovigen (christenen in naam) te verlaten: “Keer u ook van hen af” (2 Tim. 3:5). Structurele eenheid zou niet mogen nagestreefd worden als er compromissen worden aangegaan over het geloof: “Want er moeten ook ketterijen onder u zijn, opdat zij, die oprecht zijn, openbaar mogen worden onder u” (1 Kor. 11:19).

Een verdraaiing van het begrip ethiek. De werken van dominionisten zijn allereerst van seculiere aard. Zij zien het als hun voornaamste taak de wereld te reconstrueren in termen van koninkrijksprincipes. Deze humanitaire werken zijn van sociale, economische, politieke of medische aard. Gewoonlijk refereren zij slechts in de marge naar evangelisatie en geestelijke groei van mensen. Maar “wat zal het de mens baten als hij heel de wereld wint, en aan zijn ziel schade lijdt?” (Mark. 8:36). Hoe belangrijk de dagelijkse noden van mensen ook mogen zijn, mogen wij niet louter deze noden benadrukken en erin voorzien, want ze hebben geen eeuwigheidswaarde. Paulus zegt: “Indien wij alleen in dit leven op Christus hopen, zo zijn wij de ellendigste van alle mensen” (1 Kor. 15:19). Onze belangrijkste verwachting en voorbereiding op een beter leven moet gericht zijn op de belofte van de opstanding en eeuwig leven in de hemel.

Een verdraaiing van de eindtijdprofetieën. Er is onder dominionisten een algemene ontkenning van een slechter wordende wereld aan het eind van de kerkbedeling, die leidt naar de verdrukkingsperiode en de openbaring van de mens der zonde. Zij accepteren niet het feit van een grote afvalligheid in de eindtijd (2 Thess. 2:3), de snelle toename van het boze en de goddeloosheid zoals nooit tevoren (2 Tim. 3:1-5; Op. 22:11). In plaats van dit bijbels scenario promoten zij de zienswijze van een verenigde en vredige wereld onder het bestuur van de heropgewekte kerk van de eindtijd. Zij weigeren enige verklaringen te uiten die een gevaar betekenen voor de door de mens gemaakte oecumenische banden om het christendom te verenigen. Religieus bedrog wordt niet onderzocht en bestreden, want dat zou sommige participerende kerken van de oecumenische beweging kunnen beledigen. Om dezen reden wordt er geen leerstellige zuiverheid nagestreefd, en laten zij daarmee de deur openstaan voor misleidende geesten en leringen van demonen (Tim. 4:1). Niets wordt er gezegd over de opkomst van de Antichrist en wereldomvattende voorbereidingen voor de oorlog van Armageddon want dat past niet in hun koninkrijksvisie voor de wereld. Zij kunnen de mensen enkel de valse hoop bieden van een mens-gemaakt Utopia.

Een verdraaiing van Israël. In het algemeen wordt de vervangingstheologie gepraktiseerd, waarbij de kerken zichzelf zien als deel uitmakend van het “Nieuwe Israël” waardoor God de wereld zal regeren. Dominionisten erkennen niet het bijbelse Israël en hun eindtijdse herstel in het land van hun vaderen (vgl. Ezech. 36:22-28). De Wereldraad van Kerken, die zo’n half miljard christenen van 342 kerkgenootschappen in 120 landen vertegenwoordigt, gaat ook samen met de groeiende meerderheid die zich tegen Israël keert. In maart 2005 veroordeelden zij Israëls bezetting van Gaza en de West Bank. Zij staan actief het verbondsvolk Israël tegen, terwijl zij zichzelf zien als het “Israël van God” dat spoedig de wereld zal regeren.

De komst van het koninkrijk
Het koninkrijk van God zal zich slechts fysiek manifesteren wanneer Christus komt: “En de zevende engel blies op de bazuin en er klonken luide stemmen in de hemel die zeiden: De koninkrijken van de wereld zijn geworden van onze Heere en van Zijn Christus en Hij zal als Koning regeren in alle eeuwigheid” (Op. 11:15).

De duivel zal gebonden worden zodat hij niet langer de naties kan misleiden (Op. 20:3).

Dan, en alleen dan, zullen hele naties God dienen: “In die tijd zullen zij Jeruzalem noemen, de troon des HEEREN; en al de heidenen zullen tot haar vergaderd worden, om de Naam des HEEREN, te Jeruzalem; en zij zullen niet meer wandelen naar het goeddunken van hun boos hart” (Jer. 3:17).

Met Satan die ontdaan is van al zijn krachten en bolwerken op aarde, zullen hele naties de Heer dienen tijdens Zijn duizendjarige regering vanuit Jeruzalem (Zach. 8:20-22; Jes. 2:2-4). Maar dat is nog toekomst. In de huidige bedeling moeten wij als lichten schijnen temidden van een verkeerd en ontaard geslacht (Fil. 2:15). Wij zijn burgers van een hemels koninkrijk en wij wachten op de spoedige komst van de Koning om Zijn koninkrijk op aarde te openbaren (Fil. 3:20-21)

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: